Brandbrief

Een hartenkreet uit de sector Kinderopvang

Minister van SZW, mevrouw K. van Gennip
CC: alle woordvoerders Kinderopvang Tweede Kamer

Betreft: Brandbrief – Een hartenkreet uit de sector Kinderopvang                                            7-7-2022

 

Geachte mevrouw Van Gennip,

In oktober 2021 stuurden een groot aantal zeer betrokken kinderopvangorganisaties een brandbrief aan uw voorganger, demissionair staatssecretaris de heer Wiersma, en aan de voorzitters van GGD GHOR Nederland en CNV Zorg & Welzijn. Een brief met de oproep voor oplossingen voor een urgent probleem. Het grote tekort aan medewerkers in onze sector: de kinderopvang.

Met deze brandbrief wordt nu een luide oproep aan u gedaan. Want zoals inmiddels overal te horen; de personele tekorten zijn zeer groot en lopen de komende jaren, mede door de verwachte extra vraag, op naar een tekort van 35.000 medewerkers in 2028. De voortgang van dienstverlening in de kinderopvang is serieus in het geding. Desastreus voor de ontwikkelkansen voor alle kinderen én voor hun ouders. En dat terwijl kinderopvang dé voorwaarde is om werkend Nederland draaiende te houden.

Als sector werken we met man en macht om mensen te vinden en te binden. Maar het gaat veel verder dan dat. Om deze uitdaging het hoofd te bieden hebben we heel Nederland nodig. Wij vragen u: maak de voorstellen en sectoroverstijgende kansen die onze brancheverenigingen u aandragen mogelijk. En laat ons deze voorstellen concreet maken in direct toepasbare maatregelen.

Het moet anders
Anders kijken, andere oplossingen vinden. Als sector kunnen we dit. Maar het vraagt ook wat van heel Nederland; van ouders, werkgevers, bij de Belastingdienst en van het ministerie. Het vraagt om durf. Dúrven bijstellen van verwachtingen en bereid dúrven zijn om bestaande patronen los te laten. Om ze daarmee opnieuw, anders, toekomstgericht en passend bij een nieuwe tijd in te richten.

Er is actie en aanpassing nodig op drie hoofdlijnen:

  1. De vijver van potentiële medewerkers in de kinderopvang moet groter worden.
  2. De regeldruk moet omlaag, zodat met minder mensen meer kan worden gedaan. En zodat de administratieve last en werkdruk verlaagd worden, zonder in te boeten op kwaliteit en veiligheid.
  3. Er is ruimte nodig om te innoveren. Om de dienstverlening en inzet van medewerkers, slimmer, eigentijdser, passender en daarmee efficiënter te organiseren.

Dat alles kan met behoud van kwaliteit. Mits kwaliteit niet enkel wordt geduid door getallen, beklemmende kaders en overgedetailleerde eisen.

 

  1. De vijver moet groter

Dat kan niet met aanpassingen aan de randen, maar vraagt serieuze bijstellingen. We moeten voorkomen dat we om andere redenen dan persoonlijke motivatie mensen ‘wegkapen’ uit branches die vergelijkbare maatschappelijke diensten vervullen (onderwijs, zorg, JGZ). Dat kan door de totale vijver te verbreden en te putten uit alle talenten die in de maatschappij aanwezig zijn. Het toevoegen en mixen van competenties vormt de optimale professionele begeleiding van kinderen.

Als basis moet er gelijkwaardige aantrekkelijkheid met onze collega-sectoren gerealiseerd worden. Dat vraagt om maatregelen. Zoals betere financiële arbeidsvoorwaarden (conform de CAO-ontwikkeling primair onderwijs) waarin de overheid structureel investeert door een additionele verhoging van het Kinderopvangtoeslag-normtarief. Maar ook het ‘normaliseren’ van opleidingsdagen in onze sector, zoals we ook de studiedagen in het PO kennen. Daardoor loopt de werkdruk in de avonden niet verder op en is de balans werk-privé ook in onze sector aantrekkelijk. Daar hebben wij u, de overheid, bij nodig.

Daarnaast zijn concrete drempels op allerlei manieren weg te nemen:

  • Het stimuleren van meer werken
    33% van de huidige medewerkers in de bso zegt meer te willen werken, en 20% in de dagopvang. Dit zijn in potentie 6.000 banen die gerealiseerd kunnen worden door ‘meer werken’ netto meer lonend te maken en btw-drempels weg te nemen.
  • We kunnen het makkelijker maken voor mensen die willen.
    Door zij-instroom te versimpelen voor werknemers en werkgevers én door buitenlandse kwalificaties gelijk te stellen.
  • We kunnen uitwisselbaarheid tussen branches makkelijker maken door de opleidingen modulair in te richten. Hierdoor kunnen loopbaanpaden over sectoren heen plaatsvinden.
  • In werkend Nederland kan echt het verschil gemaakt worden door werk beter te verdelen over alle dagen van de week. Zowel voor de verdeling van de vraag naar opvang per dag, als voor de beschikbaarheid van personeel.

 

  1. De regeldruk moet omlaag

Kwaliteit werd de laatste jaren ook steeds meer kwantiteit. De IKK-wetgeving leidde tot de creatie van 10.000 extra banen voor hetzelfde aantal kinderen. De extra aandacht voor de baby’s wordt omarmd, maar de vraag is wel of dit allemaal dezelfde professionals zouden moeten zijn. De invoering van het vaste gezichtencriterium in de huidige vorm, de aanpassing van de 3-uursregeling en de beperkende regelgeving rondom stamgroepen en met name de basisgroepen in de bso, dragen naar verhouding maar weinig of niet bij aan kwaliteit en blijkt werkdruk verhogend.

Tijdens de gesprekken die we in aanwezigheid van het ministerie voerden over de ervaren werkdruk door medewerkers gingen de luidste signalen over:

  • Op voorgeschreven momenten pauze moeten nemen.
  • Niet kunnen handelen vanuit de behoefte van het kind.
  • Niet kunnen handelen vanuit je professionaliteit.
  • Je collega alleen laten of zelf geen pauze nemen, omdat anders de GGD een boete geeft.
  • De administratieve last.

Het is echt mogelijk om de oorspronkelijke intentie van de wet en de huidige eisen ten aanzien van de uitvoering van de wet meer met elkaar verenigd te krijgen.

 

  1. Er is ruimte nodig om te innoveren

Nieuwe tijden vragen nieuwe manieren. De vijver kan wellicht nog wat voller, maar wordt nooit vol genoeg om op de ‘oude’ manier de diensten te vervullen. Laten we accepteren dat deze grote noodzaak aan medewerkers in de kinderopvang het nieuwe normaal gaat zijn en nadenken over ‘anders’. We zijn een innovatieve en creatieve sector en willen hierover graag nadenken! Daarvoor hebben we wel ruimte nodig. Ruimte om te onderzoeken, zonder dat regels ons hinderen; verantwoord maar wel vernieuwend.

Wij stellen voor om:

  • De mogelijkheden te onderzoeken om anders-opgeleiden in te zetten en hen met eigen expertises laten bijdragen aan een kwalitatief en rijk aanbod. De toekomst vraagt juist een gedifferentieerde inzet van volwassenen om jonge kinderen heen; om te inspireren, te verrijken en te voeden in ontwikkelingsgebieden.
  • Anders en eenvoudiger samen te werken binnen het onderwijs, de opvang, sociaal werk en jeugdzorg. Onderwijs en kinderopvang vullen elkaar aan, zij bieden een complementair aanbod voor kinderen. Op de inhoud is hierover geen discussie. Als het gaat om de inzet en kwalificatie van mensen is dat een totaal ander geval. Laat ons leren van deze verschillen en verkennen welke andere modellen kansen en mogelijkheden bieden.
  • Een nieuw concept voor naschools aanbod te ontwikkelen, in combinatie met de rijke schooldagontwikkelingen. Voor alle kinderen, als een ware afspiegeling van de maatschappij. Hierbij mag de inzet van een professional gedifferentieerd zijn. Bijvoorbeeld in competenties en opleiding. Of in aantal, al dan niet wisselend per tijdstip op de dag.

De kinderopvang heeft zich de afgelopen jaren ontwikkeld tot een professionele en betrouwbare sector. Een sector die klaar staat voor kinderen en ouders. De zekerheid waarmee zij op ons kunnen vertrouwen, willen we behouden. Dat is de gezamenlijke opgave van overheid, werkgevers, ouders en kinderopvang. In het belang van de ontwikkeling van onze toekomstige generatie én werkend Nederland van nu.

Concreet vragen we u:
Betrek ons actief en geef ons letterlijk meer en andere ruimte (in middelen, regels en tijd) om te doen waar we, naast onze inhoudelijk expertises, ook goed in zijn: ondernemen, innovatief ontwikkelen, toekomstgericht denken én doen!

Voor de kinderen, voor de ouders, voor de toekomst.

Brancheorganisatie Kinderopvang (BK) en Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang (BMK) onderschrijven dit verzoek.

We hebben echt geen tijd meer te verliezen!
Met vriendelijke groet,

Namens de bestuurders uit de Kinderopvang;

Nicole Krabbenborg (Kindergarden)
Carla van de Venne (Kind & Co Ludens)
Jaco Donselaar (Wij zijn JONG)

Comments are closed.